dinsdag 10 december 2013

Yvette's Digitaal - 9 en 10

De column van Yvette Hoitink in het CBG kwartaalblad Genealogie is getiteld Digitaal. Die titel doet al vermoeden dat de column gaat over computers, internet en genealogie. Daarin wordt natuurlijk regelmatig verwezen naar allerlei websites. Alleen kent een papieren tijdschrift geen hyperlinks. Een goede reden om Digitaal ook digitaal op internet te publiceren. Dat doen we hier op Methodiek dossier@CBG, ook als het artikel bij uitzondering eens een keer géén verwijzingen naar websites bevat... Hier volgen de columns uit het decembernummer en het septembernummer van dit jaar.

Duurzaam

Vertederd kijk ik naar de korrelige beelden op mijn HD-televisie. Ik zie een kamer met typisch jaren-‘70-behang: oranje/bruin met psychedelische motieven. Een groep kinderen kijkt in spanning naar de deur, waar Sinterklaas juist binnenkomt. Een baby wordt op zijn schoot gelegd.
Die baby ben ik en mijn opa is Sinterklaas. Het was de laatste keer dat hij Sinterklaas kon zijn. Dat ik die beelden kan bekijken, heb ik te danken aan mijn moeder die mijn babyfilms heeft laten digitaliseren. Zo heeft ze nog tientallen spoeltjes met films. Niet alleen van mij, maar zelfs van haar eigen kindertijd. Honderden meters film, waaronder juweeltjes zoals de Sinterklaasfilm, maar ook beelden waar je zeeziek van wordt omdat mijn oma de camera niet stil kon houden. Om die allemaal te laten digitaliseren kost een vermogen. Hoe gaan we hier mee om?
Hoewel ik bij een archief werk, ben ik geen archivaris. Maar ik heb wel een hoop geleerd van mijn collega’s. Duurzaam bewaren begint met goed selectiebeleid: wat bewaren we permanent en wat mag op termijn worden vernietigd? Wat bewaren we in zijn geheel en waarvan bewaren we een steekproef? 
Ik denk dat ik zo’n selectiebeleid ook op onze filmcollectie ga toepassen. Gelukkig heeft mijn moeder de projector nog, waardoor we de films de komende feestdagen kunnen bekijken. Met mijn camera maken we dan digitale opnames van het projectiescherm. Briljant wordt dat vast niet, maar genoeg om te beoordelen wat we hebben. De beelden die de meeste herinneringen oproepen laten we vervolgens door een professioneel bedrijf digitaliseren. Van de middelmatige beelden bewaren we de eigen digitale opnames en de rest zal op termijn waarschijnlijk verloren gaan.
Als we eenmaal besloten hebben welke bestanden we permanent willen bewaren, begint het volgende vraagstuk: Hoe zorgen we ervoor dat de films over een paar generaties nog te zien zijn? Wie kan er bijvoorbeeld nog een WordPerfect-document openen dat op een diskette staat? Ook hier leer ik veel van mijn collega’s.
Voor duurzame toegankelijkheid is het belangrijk dat bestanden worden opgeslagen in een open standaard, dus niet in een formaat dat afhankelijk is van één leverancier. Periodiek moet je beoordelen of dat bestandsformaat nog actueel is en dan eventueel de bestanden converteren naar een nieuw (open) formaat. Daarnaast is het belangrijk dat je het bestand regelmatig op nieuwe dragers zet: dus van floppy naar DVD naar harde schijf naar online. De 3-2-1 regel is hierbij een goede houvast: maak drie kopieën, op twee verschillende dragers, en bewaar er één op een andere locatie.
Met onze filmcollectie komt het wel goed, ik heb vertrouwen in deze aanpak. En als dat eenmaal gelukt is, is volgend jaar onze fotocollectie aan de beurt. 

Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur,  
Genealogie december 2013

Zie ook YouTube.

Twintig jaar

In 1993 bouwde ik als eerstejaars student informatica mijn eerste website. Over het onderwerp hoefde ik niet lang na te denken: genealogie natuurlijk! In Nederland had nog vrijwel niemand internet, dus ik richtte mijn site op Amerikanen met Nederlandse voorouders. “Yvette’s Dutch Genealogy Homepage” was geboren. Ik had toen nog geen idee hoe bepalend die website voor mijn carrière zou worden.
Internet was nieuw en spannend, dus al snel wisten de verschillende afdelingen van de NGV me te vinden voor lezingen. “Hoe bedoel je, je gééft de lezing? We hebben een expert uitgenodigd!” kreeg ik een keer te horen toen de organisatie zich niet had gerealiseerd dat hun spreker pas achttien jaar oud was…
Toen mijn partner en ik een paar jaar later een eigen IT-bedrijf begonnen, was de keuze voor een specialisatie snel gemaakt: de archiefwereld. Die kenden mij uit het lezingencircuit en al snel kwamen de eerste opdrachten binnen. Zo heb ik meegewerkt aan diverse genealogische sites in Nederland, waaronder Genlias. Na tien jaar besloten we te stoppen met het bedrijf en ben ik bij één van onze grootste klanten, het Nationaal Archief, in dienst gegaan als IT-adviseur en projectmanager.
Intussen werd mijn eigen website ingehaald door nieuwe initiatieven. Archieven en verenigingen kwamen zelf online. Geneaknowhow begon structureel links te verzamelen naar digitale bronbewerkingen in Nederland en België, veel gebruiksvriendelijker dan die vrij willekeurige lijst van mij. Ik besloot terug te gaan naar mijn ‘roots’ en me weer te richten op buitenlanders met Nederlandse voorouders. Ter gelegenheid van het tienjarig bestaan kreeg de site een eigen domeinnaam, dutchgenealogy.nl.
Lang heb ik getwijfeld of ik mijn database ook online zou zetten. Hoe voorkom je dat iedereen alles klakkeloos kopieert? En hoe erg vind ik het als dat toch gebeurt? Ik besloot dat ik het belangrijker vond dat mijn gegevens gebruikt zouden worden dan om ze te beschermen en plaatste mijn hele bestand online. Mijn onderzoek bouwt immers ook verder op het werk van anderen: vrijwilligers die transcripties maken of indexeren, genealogen die over hun onderzoek publiceren en archieven die bronnen online beschikbaar stellen. Al snel mailden verre neven en nichten met aanvullingen en begreep ik waarom Amerikanen dit soort websites “cousin-bait” noemen. Zo ontving ik een foto van mijn bet-overgrootmoeder, waar ik nog nooit een foto van gezien had, en beschreef een bejaarde dame haar jeugdherinneringen aan haar overgrootvader, die ook mijn opa’s overgrootvader was. Een geweldige “bijvangst” die ik niet had voorzien.
Sinds vorig jaar werk ik naast mijn baan ook als freelance genealoog. Mijn website is het belangrijkste kanaal waarlangs klanten mij vinden. Twitter, Facebook, Pinterest en andere sociale media zijn leuk, maar mijn website is de thuisbasis waaromheen de rest van mijn online activiteiten zich afspeelt.
Binnenkort bestaat mijn website twintig jaar. Hoog tijd voor een nieuw jasje en een nieuwe focus, met meer aandacht voor methodologie. Ik wil natuurlijk wel overkomen als een expert.
Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur,  
Genealogie september 2013

Geen opmerkingen:

Een reactie posten