dinsdag 10 december 2013

Yvette's Digitaal - 9 en 10

De column van Yvette Hoitink in het CBG kwartaalblad Genealogie is getiteld Digitaal. Die titel doet al vermoeden dat de column gaat over computers, internet en genealogie. Daarin wordt natuurlijk regelmatig verwezen naar allerlei websites. Alleen kent een papieren tijdschrift geen hyperlinks. Een goede reden om Digitaal ook digitaal op internet te publiceren. Dat doen we hier op Methodiek dossier@CBG, ook als het artikel bij uitzondering eens een keer géén verwijzingen naar websites bevat... Hier volgen de columns uit het decembernummer en het septembernummer van dit jaar.

Duurzaam

Vertederd kijk ik naar de korrelige beelden op mijn HD-televisie. Ik zie een kamer met typisch jaren-‘70-behang: oranje/bruin met psychedelische motieven. Een groep kinderen kijkt in spanning naar de deur, waar Sinterklaas juist binnenkomt. Een baby wordt op zijn schoot gelegd.
Die baby ben ik en mijn opa is Sinterklaas. Het was de laatste keer dat hij Sinterklaas kon zijn. Dat ik die beelden kan bekijken, heb ik te danken aan mijn moeder die mijn babyfilms heeft laten digitaliseren. Zo heeft ze nog tientallen spoeltjes met films. Niet alleen van mij, maar zelfs van haar eigen kindertijd. Honderden meters film, waaronder juweeltjes zoals de Sinterklaasfilm, maar ook beelden waar je zeeziek van wordt omdat mijn oma de camera niet stil kon houden. Om die allemaal te laten digitaliseren kost een vermogen. Hoe gaan we hier mee om?
Hoewel ik bij een archief werk, ben ik geen archivaris. Maar ik heb wel een hoop geleerd van mijn collega’s. Duurzaam bewaren begint met goed selectiebeleid: wat bewaren we permanent en wat mag op termijn worden vernietigd? Wat bewaren we in zijn geheel en waarvan bewaren we een steekproef? 
Ik denk dat ik zo’n selectiebeleid ook op onze filmcollectie ga toepassen. Gelukkig heeft mijn moeder de projector nog, waardoor we de films de komende feestdagen kunnen bekijken. Met mijn camera maken we dan digitale opnames van het projectiescherm. Briljant wordt dat vast niet, maar genoeg om te beoordelen wat we hebben. De beelden die de meeste herinneringen oproepen laten we vervolgens door een professioneel bedrijf digitaliseren. Van de middelmatige beelden bewaren we de eigen digitale opnames en de rest zal op termijn waarschijnlijk verloren gaan.
Als we eenmaal besloten hebben welke bestanden we permanent willen bewaren, begint het volgende vraagstuk: Hoe zorgen we ervoor dat de films over een paar generaties nog te zien zijn? Wie kan er bijvoorbeeld nog een WordPerfect-document openen dat op een diskette staat? Ook hier leer ik veel van mijn collega’s.
Voor duurzame toegankelijkheid is het belangrijk dat bestanden worden opgeslagen in een open standaard, dus niet in een formaat dat afhankelijk is van één leverancier. Periodiek moet je beoordelen of dat bestandsformaat nog actueel is en dan eventueel de bestanden converteren naar een nieuw (open) formaat. Daarnaast is het belangrijk dat je het bestand regelmatig op nieuwe dragers zet: dus van floppy naar DVD naar harde schijf naar online. De 3-2-1 regel is hierbij een goede houvast: maak drie kopieën, op twee verschillende dragers, en bewaar er één op een andere locatie.
Met onze filmcollectie komt het wel goed, ik heb vertrouwen in deze aanpak. En als dat eenmaal gelukt is, is volgend jaar onze fotocollectie aan de beurt. 

Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur,  
Genealogie december 2013

Zie ook YouTube.

Twintig jaar

In 1993 bouwde ik als eerstejaars student informatica mijn eerste website. Over het onderwerp hoefde ik niet lang na te denken: genealogie natuurlijk! In Nederland had nog vrijwel niemand internet, dus ik richtte mijn site op Amerikanen met Nederlandse voorouders. “Yvette’s Dutch Genealogy Homepage” was geboren. Ik had toen nog geen idee hoe bepalend die website voor mijn carrière zou worden.
Internet was nieuw en spannend, dus al snel wisten de verschillende afdelingen van de NGV me te vinden voor lezingen. “Hoe bedoel je, je gééft de lezing? We hebben een expert uitgenodigd!” kreeg ik een keer te horen toen de organisatie zich niet had gerealiseerd dat hun spreker pas achttien jaar oud was…
Toen mijn partner en ik een paar jaar later een eigen IT-bedrijf begonnen, was de keuze voor een specialisatie snel gemaakt: de archiefwereld. Die kenden mij uit het lezingencircuit en al snel kwamen de eerste opdrachten binnen. Zo heb ik meegewerkt aan diverse genealogische sites in Nederland, waaronder Genlias. Na tien jaar besloten we te stoppen met het bedrijf en ben ik bij één van onze grootste klanten, het Nationaal Archief, in dienst gegaan als IT-adviseur en projectmanager.
Intussen werd mijn eigen website ingehaald door nieuwe initiatieven. Archieven en verenigingen kwamen zelf online. Geneaknowhow begon structureel links te verzamelen naar digitale bronbewerkingen in Nederland en België, veel gebruiksvriendelijker dan die vrij willekeurige lijst van mij. Ik besloot terug te gaan naar mijn ‘roots’ en me weer te richten op buitenlanders met Nederlandse voorouders. Ter gelegenheid van het tienjarig bestaan kreeg de site een eigen domeinnaam, dutchgenealogy.nl.
Lang heb ik getwijfeld of ik mijn database ook online zou zetten. Hoe voorkom je dat iedereen alles klakkeloos kopieert? En hoe erg vind ik het als dat toch gebeurt? Ik besloot dat ik het belangrijker vond dat mijn gegevens gebruikt zouden worden dan om ze te beschermen en plaatste mijn hele bestand online. Mijn onderzoek bouwt immers ook verder op het werk van anderen: vrijwilligers die transcripties maken of indexeren, genealogen die over hun onderzoek publiceren en archieven die bronnen online beschikbaar stellen. Al snel mailden verre neven en nichten met aanvullingen en begreep ik waarom Amerikanen dit soort websites “cousin-bait” noemen. Zo ontving ik een foto van mijn bet-overgrootmoeder, waar ik nog nooit een foto van gezien had, en beschreef een bejaarde dame haar jeugdherinneringen aan haar overgrootvader, die ook mijn opa’s overgrootvader was. Een geweldige “bijvangst” die ik niet had voorzien.
Sinds vorig jaar werk ik naast mijn baan ook als freelance genealoog. Mijn website is het belangrijkste kanaal waarlangs klanten mij vinden. Twitter, Facebook, Pinterest en andere sociale media zijn leuk, maar mijn website is de thuisbasis waaromheen de rest van mijn online activiteiten zich afspeelt.
Binnenkort bestaat mijn website twintig jaar. Hoog tijd voor een nieuw jasje en een nieuwe focus, met meer aandacht voor methodologie. Ik wil natuurlijk wel overkomen als een expert.
Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur,  
Genealogie september 2013

woensdag 20 november 2013

Delpher. De nieuwe centrale toegang tot Nederlandse historische teksten

Delpher is de nieuwe centrale toegang tot Nederlandse historische teksten uit de digitale collecties van een groot aantal wetenschappelijke en erfgoedinstellingen. In Delpher kan full-text worden gezocht in boeken, tijdschriften, kranten en radiobulletins. De radiobulletins betreffen de uitgetikte teksten van de ANP-radiobulletins van 1937-1989. In totaal gaat het om tientallen miljoenen gedigitaliseerde en geOCRde  pagina's. Voor iedere onderzoeker natuurlijk een mer à boire, zeker ook voor de familiehistoricus.

Delpher is een initiatief van de Koninklijke Bibliotheek, het Meertens Instituut en de Universiteitsbibliotheken van Amsterdam, Groningen, Leiden en Utrecht. Via Delpher kunnen kranten worden doorzocht afkomstig uit de collecties van een groot aantal archieven, bibliotheken en wetenschappelijke en erfgoedinstellingen.  Daaronder ook buitenlandse instellingen uit Suriname, Engeland, België, Duitsland, Canada en de VS die waardevolle Nederlandse historische teksten bezitten..

De komende jaren zal de omvang van het totale aanbod in Delpher bijna verdubbelen van 30 miljoen tot 50 miljoen pagina’s. Zie hier voor een overzicht van collecties in de pijplijn. Daarnaast zullen er in de loop der tijd steeds meer geavanceerde functionaliteiten worden toegevoegd, onder andere voor het zoeken, vinden en opslaan van resultaten.

vrijdag 18 oktober 2013

Repertorium DTB als PDF online

In 1980 bracht het CBG het bekende Repertorium DTB uit. Doop-, trouw- en begraaf- en lidmatenregisters van de kerken (DTB) zijn de belangrijkste bronnen voor onderzoek in de zeventiende en achttiende eeuw. Het repertorium biedt een overzicht van deze registers en waar ze destijds te vinden waren als origineel, in kopie, in  gedrukte vorm of als microfiche/film. Veel registers zijn inmiddels op meerdere plaatsen in kopie of als microfiche beschikbaar gekomen of staan gewoon online. De informatie over welke registers bewaard zijn en niet verloren zijn gegaan is echter nog steeds actueel.

Het repertorium bestrijkt niet alleen Nederland, maar ook grensplaatsen en het verdere buitenland waar zich Nederlanders hadden gevestigd als vluchteling of in voormalige koloniën.

Het CBG heeft het Repertorium nu als PDF online gezet, zowel als geheel als in delen.  (Dit laatste voor mensen zonder breedband internet.) Het laatste deel bevat ook een overzicht van gebruikte afkortingen. De tekst is ge-OCR'd, waardoor in de PDF's kan worden gezocht naar (delen van) bepaalde plaatsnamen.

Totaal : Het gehele Repertorium (OCR)

Deel 1: Ter Aar - Cornjum
Deel 2: Cothen - Hichtum 
Deel 3: Hidaard - Nieuwland
Deel 4: Nieuwland - Sexbierum
Deel 5: Sibbe - Zijpe
Deel 6: Buitenland, Militairen, verklaring van afkortingen


Totaal: Het gehele Repertorium zonder OCR

Repertorium DTB. Globaal overzicht van de Nederlandse doop- en trouw- en begraafregisters e.d. van voor de invoering van de Burgerlijke stand - W. Wijnaendts van Resandt en J.G.J. van Booma (ongewijzigde herdruk; Den Haag 1998) 285 blz. ISBN 90-7032-407-5

maandag 7 oktober 2013

Onderzoeksgids Bataafse Tijd 1795-1813

Wie historisch onderzoek wil doen in een bepaald tijdvak moet inzicht hebben in de bestuurlijke en rechterlijke instellingen die actief waren in die periode. Zonder kennis van de zogenaamde archiefvormers kan een onderzoeker er zich immers geen voorstelling van maken in wel archief hij moet zoeken.

De Bataafse Tijd is wat dat betreft een van de meest ingewikkelde periodes van de Nederlandse geschiedenis. In 1795 kwam een einde aan de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Na een overgangsperiode van 1795 tot 1798 zijn tot 1813 achtereenvolgens vijf verschillende staatsregelingen van kracht geweest. In elk tijdvak werd gestreefd naar een volledige nieuwe opzet van het landelijke en soms ook het provinciale bestuur en de rechtspraak. De instellingen kregen dan nieuwe namen en soms andere taken. 

Huygens ING geeft een speciale gids uit die de onderzoeker hierbij te hulp komt:  J. Roelevink, Onderzoeksgids Bestuur en administratie van de Bataafs Franse tijd 1795-1813.
 
De gids biedt inzicht in de samenhang van het bestuur per periode en de taken en de organisatie van de instellingen, met bijbehorende wetgeving en hulp bij een effectieve raadpleging van hun archieven. De gids behandelt in totaal 218 landelijke en 108 gewestelijke instellingen die zich in de Bataafs Franse tijd hebben beziggehouden met bestuur en rechtspraak in Nederland. De gids is te koop via de webshop van Huygens ING.
 
J. Roelevink, Onderzoeksgids Bestuur en administratie van de Bataafs Franse tijd 1795-1813. 460 pag.'s (180x270 mm), prijs € 30,- (incl. verzendkosten), ISBN 978-90-5216-181-5.

zaterdag 28 september 2013

Afstammelingen van Confucius

Zoals het in de westerse wereld onder veel genealogen een sport is om een lijntje naar Karel de Grote aan te tonen kan een Chinees proberen zijn afstamming terug te voeren op Confucius.

Er zijn tal van overeenkomsten te bedenken. Waar Karel de Grote een belangrijke rol wordt toebedeeld als erflater voor Europa hebben de ideeën van Confucius de Chinese samenleving verregaand beïnvloed.
Opvallend verschil is echter het aantal afstammelingen. Gaat bij ons de mare dat je wel héél veel pech moet hebben om géén lijntje naar Charlemagne te vinden, onder de méér dan een miljard Chinezen schijnen zich maar grofweg twee miljoen mensen op een afstamming van Conficius te mogen beroemen. En dat terwijl het van nu naar Confucius (551-479 BC) een dikke tachtig generaties is en van nu naar Karel de Grote (742-814 AD) ongeveer de helft.

Verder lijkt het er op dat de afstammelingen van Confucius officieel worden bijgehouden. Bij ons is het Karel de Grote onderzoek een soort wild-west terrein waarop zich zowel serieuze onderzoekers als vele charlatans bewegen. In 2009 is in zijn geboorteplaats Qufu een officieel parenteel van Confucius gepubliceerd. Het overzicht bestaat uit 43.000 pagina's in 80 boeken en omvat 83 generaties met in totaal ca. twee miljoen nazaten. Bij de voorlaatste publicatie in 1937 was er nog maar sprake van 560.000 nakomelingen. De toename komt niet alleen voor rekening van nieuwe generaties sinds 1937, in de publicatie van 2009 worden voor het eerst ook vrouwen, etnische minderheden en Chinezen in het buitenland erkend als nazaten van Confucius.

Helaas is ons geen plaats in Nederland bekend waar het Confucius-parenteel te raadplegen is.

donderdag 5 september 2013

Horizontale genealogie


In het nieuwe Jaarboek van het CBG een interessant artikel van Marty Bax: 'Verticale en horizontale worteling. Of hoe Westerse esoterie in de familie kan zitten'.

Veel dingen worden van generatie op generatie doorgegeven; zaken als levensstijl, religie, normen en waarden. Maar gedurende haar onderzoek naar de verspreiding van de ideeën en idealen van esoterische en aanverwante stromingen ontdekte de auteur ook een duidelijke verspreiding binnen een generatie, tussen families die door huwelijken en vriendschappen met elkaar in verbinding stonden. Dit levert prachtige informatie op.

Het
Jaarboek 2013, De genealogische werkplaats. Ethiek en Methodiek van het onderzoek  is vanaf medio september te koop bij het Centraal Bureau voor Genealogie. Vrienden van het CBG ontvangen het gratis.

maandag 10 juni 2013

Yvette's Digitaal - 8: Eén boom

De column van Yvette Hoitink in het CBG kwartaalblad Genealogie is getiteld Digitaal. Die titel doet al vermoeden dat de column gaat over computers, internet en genealogie. Daarin wordt natuurlijk regelmatig verwezen naar allerlei websites. Alleen kent een papieren tijdschrift geen hyperlinks. Een goede reden om Digitaal ook digitaal op internet te publiceren. Dat doen we hier op Methodiek dossier@CBG, ook als het artikel bij uitzondering eens een keer géén verwijzingen naar websites bevat... Hier volgt de column uit het juninummer van dit jaar.


Eén boom

Sinds kort kun je bij Familysearch samen werken aan een geïntegreerde stamboom van iedereen. Een soort Wikipedia dus. Het idee is dat genealogen samen consensus bereiken over personen: over de data en plaatsen van gebeurtenissen maar vooral ook over de relaties tussen personen. Ze kunnen hiervoor ook bronnen citeren of uploaden om hun conclusies te onderbouwen. In eerste instantie was ik enthousiast. Het leek me geweldig om met meerdere genealogen samen te werken aan interessante puzzels op basis van gezamenlijk aangedragen bronnen. Ik heb bijgedragen aan tientallen Wikipedia-artikelen en vind het mooi om te zien hoe je samen meer weet dan alleen. Diezelfde synergie zou ik ook graag willen zien bij genealogie. Na mijn eerste ervaringen sloeg de twijfel toe. Is dit eigenlijk wel haalbaar? Voor de eenvoudige gevallen is het wel te doen. Als er duidelijk bewijs ligt ontstaan er niet zo gauw ‘edit wars’ waarbij verschillende mensen touwtrekken om de juiste interpretatie. Maar ik ken genoeg situaties waar twee welwillende, deskundige genealogen op basis van het zelfde bewijs toch tot verschillende conclusies komen. Al snel realiseerde ik me dat mijn grootste twijfel te maken had met een fundamenteler probleem: wil ik eigenlijk wel dat dit een succes wordt? Als dit experiment slaagt kan iedereen op termijn met één druk op de knop zijn voorouders vinden. Hoe leuk is genealogie dan nog? Een voetbalwedstrijd kijk je ook om de wedstrijd, niet om de uitslag. Maar de wedstrijd is wel een stuk minder leuk als je de uitslag al kent. Een bijkomend probleem is het opbouwen van vaardigheden. Als je als beginnende genealoog ziet dat het eenvoudige werk al gedaan is, kun je niet meteen met het moeilijke werk aan de slag omdat je daarvoor de vaardigheden nog niet hebt. Juist door het wiel opnieuw uit te vinden en zelf op zoek te gaan naar die ‘gemakkelijke’ voorouders uit de twintigste en negentiende eeuw leer je hoe je onderzoek moeten doen. Ook denk ik dat de gegevens te gemakkelijk geaccepteerd gaan worden. Iedereen die wel eens een cirkelkwartierstaat heeft geprint kent de aantrekkingskracht van de lege vakjes. Dat zijn de vakjes waar we onze aandacht op richten, die gaten moeten gevuld. Dat de gevulde vakjes soms gebaseerd zijn op onbetrouwbaar bewijs of hypotheses zie je niet. Zo’n cirkelkwartierstaat toont ze allemaal in even zwarte inkt en dat nodigt niet uit om daar verder onderzoek naar te doen. Ook bij de integrale stamboom zullen gegevens die eenmaal zijn vastgelegd waarschijnlijk niet snel opnieuw kritisch bekeken worden. De gezamenlijke focus zal ook daar snel verschuiven naar de doodlopers. Al met al blijf ik dus lekker aan mijn eigen boompje werken. Die deel ik wel online, zodat anderen mij kunnen vinden en we kunnen samenwerken als we met dezelfde families bezig zijn. Daarmee heb ik wel de voordelen van samenwerken maar houden we onze hobby ook leuk voor de generaties na ons.

Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur

donderdag 30 mei 2013

Terugzoeken van oude Facebookberichten of Twitterberichten


Iedere gebruiker van Facebook of Twitter kent het gevoel. Ooit heb je een bericht gemaakt of voorbij zien komen, maar je weet het bericht of de inhoud ervan niet meer te reconstrueren. Sociale media en de wens om te archiveren of berichten terug te zoeken vormen een heikele combinatie.
Gelukkig bestaat er een website via welke je oude Twitterberichten of Facebookberichten van je eigen account of dat van je vrienden kunt terugvinden: socialsearching.info
Inloggen met je Twitter- of Facebookaccount en je kunt meteen aan de slag met gebruikmaking van trefwoorden.



Ook websites zijn vluchtig, maar via de Wayback Machine (waarover we eerder berichtten) kan de inhoud van verdwenen of gewijzigde websites uit het verleden worden teruggezocht.

woensdag 20 maart 2013

Boek: Rechercher ses ancêtres aux Pays-Bas

Bij de gespecialiseerde Franse uitgeverij Archives & Culture in Parijs is een Franstalige bewerking verschenen van de CBG-publicatie Dutch Roots. Finding your Ancestors in the Netherlands van Rob van Drie. De titel van de Franse publicatie luidt Rechercher ses ancêtres aux Pays-Bas. Het boek is specifiek gericht op mensen in het (Franstalige) buitenland die onderzoek willen doen naar Nederlandse voorouders.

Net als in de Engelstalige versie is er aandacht voor burgerlijke stand, bevolkingsregisters, dtb's, notariële archieven, rechterlijke archieven, bronnen betreffende migratie en emigratie, belastingregisters, militieregisters en militaire stamboeken, de Nederlandse familienamen en familiewapens. Het boek wordt afgesloten met een uitgebreide Nederlands-Franse woordenlijst.

Het boek telt 112 pagina's, kan online worden besteld bij Archives & Culture en kost € 15,- 

===

En Français:

Le livre Rechercher ses ancêtres aux Pays-Bas est paru chez Archives & Culture. Le livre est une adaptation de la publication en anglais Dutch Roots. Finding your ancestors in the Netherlands. L'auteur est Rob van Drie. Il est directeur adjoint du Centraal Bureau voor Genealogie de La Haye aux Pays-Bas

Des millions de personnes, tout autour du monde, ont des ancêtres originaires des Pays-Bas, dont de nombreux Français. Un nombre croissant d’entre eux s’intéresse à la généalogie et cherche à retrouver ses racines.

Ce tout nouvel ouvrage sur les « ancêtres néerlandais » donne à Internet la place centrale, car les documents généalogiques majeurs sont massivement présents en ligne. Pas à pas, l’auteur guide le lecteur à travers les sites web. Il donne les informations utiles et les mots à connaître pour s’y retrouver dans les fonds des archives locales. C’est particulièrement pratique lorsqu’on n’habite pas sur place !
L’ouvrage liste l’ensemble des sources d’informations généalogiques et biographiques des Pays-Bas ; il indique où elles peuvent être trouvées (sur le web ou sur place) ; et s’il y a des restrictions d’accès (en fonction du public ou parce que le site est payant par exemple).
Enfin, parce que la langue peut être un obstacle, le guide donne un glossaire des mots néerlandais les plus utiles ou les plus fréquents dans la recherche. Puisque les contenus des actes issus de l’état civil et des registres paroissiaux sont souvent répétitifs, cet index suffit à vous permettre de progresser.

maandag 11 maart 2013

Yvette's Digitaal - 7: (Onder)zoeker

De column van Yvette Hoitink in het CBG kwartaalblad Genealogie is getiteld Digitaal. Die titel doet al vermoeden dat de column gaat over computers, internet en genealogie. Daarin wordt natuurlijk regelmatig verwezen naar allerlei websites. Alleen kent een papieren tijdschrift geen hyperlinks. Een goede reden om Digitaal ook digitaal op internet te publiceren. Dat doen we hier op Methodiek dossier@CBG, ook als het artikel bij uitzondering eens een keer géén verwijzingen naar websites bevat... Hier volgt de column uit het maartnummer van dit jaar.

(Onder)zoeker

Als je al jaren met genealogie bezig bent, heb je doodlopers die je eigenlijk hebt opgegeven omdat je er al zo vaak vruchteloos naar gekeken hebt. Maar het kan zinvol zijn om die af en toe weer eens tegen het licht te houden. Niet alleen zijn er meer bronnen online beschikbaar gekomen, maar ook zijn je eigen vaardigheden gegroeid. In mijn eigen kwartierstaat had ik een doodloper in de achttiende eeuw waarmee ik al een jaar of twintig niet echt voortgang had geboekt. Ik besloot er samen met een bevriende genealoog eens met een frisse blik naar te kijken. Samen maakten we een onderzoeksplan. Had ik van alle bekende feiten de originele bronnen wel gezien? Wisten we van alle getuigen wie ze waren en hoe ze pasten in de familie? Hadden we gevonden wie als voogden optraden voor de jong wees geworden kinderen? De doopgetuigen in de originele bronnen bleken de sleutel om het raadsel op te lossen. Binnen enkele dagen was de lege taartpunt in mijn kwartierstaat eindelijk gevuld. Terugkijkend realiseer ik me waarom ik zo lang vast had gezeten op die tak: ik was vooral bezig geweest met zoeken, niet met onderzoeken. Alle online beschikbare indexen maken het heel gemakkelijk om veel puzzelstukjes te vinden. In veel gevallen is met die puzzelstukjes een compleet plaatje te maken van de samenstelling van een gezin. Maar als dat een keer niet lukt dan is de verleiding groot om die tak te laten rusten en verder te gaan met een andere tak waar de resultaten wel over het scherm buitelen. Eigenlijk had ik in al die twintig jaar alleen maar gevonden wat ik in de zoekmachines kon vinden en nog nooit echt onderzoek naar deze familie gedaan. Een ervaren genealoog weet wanneer hij moet schakelen tussen de rol van zoeker en onderzoeker. Als zoeker bouw je verder op werk van anderen: de schrijver van een artikel, de samensteller van een online stamboom, de vrijwilliger die een index heeft ingevoerd. Je vindt dingen die al eerder gevonden zijn. Onderzoek doen gaat een stuk verder. Je bekijkt niet alleen hoe de puzzelstukjes die je hebt in elkaar passen maar vooral ook welke puzzelstukjes er nog meer zouden moeten zijn. Welke instanties hebben zich met deze persoon bezig gehouden? Welke gebeurtenissen zullen hun sporen nagelaten hebben in archieven? Je pakt de handleidingen erbij, speurt in inventarissen, chat met een archivaris en bepaalt welke bronnen je verder zouden kunnen helpen. Je raadpleegt de bronnen en analyseert elk nieuw stukje informatie voor nieuwe aanwijzingen. Graag daag ik u uit: kijk ook eens kritisch naar een hardnekkige doodloper. Schrijf eens op wat u allemaal weet en vooral ook wat  er nog ontbreekt en waar u dat zou kunnen vinden. Laat eens los wat er met zoekmachines te vinden is en doe onderzoek naar de ontbrekende informatie. En laat mij via het bij deze column horende weblog vooral weten of het voor u net zo goed uitpakt als voor mij!

Yvette Hoitink
genealoog en itc-adviseur

Liefde en huwelijk door de eeuwen heen

In 2001 bevatte het tiende nummer van het Historisch Nieuwsblad een artikel over liefde en huwelijk in Nederland door de eeuwen heen. Daarin werd uitgebreid stil gestaan bij gebruiken zoals het zogenaamde 'nachtvrijen', partnerkeuze, taboes en huwelijksmoraal in onze gewesten. Goed om gelezen te hebben wanneer je je een voorstelling probeert te maken van het leven van onze voorouders in vroegere eeuwen.

De website van Historisch Nieuwsblad biedt een weergave van de inhoud van het artikel. Het bewuste nummer kan ook nog worden nabesteld.

maandag 4 maart 2013

Oude maten en gewichten omrekenen

Bij het bestuderen van oude bronnen komen onderzoekers regelmatig aanduidingen voor oude maten en gewichten tegen waarvan niet één, twee, drie duidelijk is hoe men die moet interpreteren. Bijv. kop, ton, emmer, maatje, last, steen, wichtje of vierendeel.
Het Meertens Instituut beheert een speciale website met een databank waar men oude maten en gewichten kan opzoeken en omrekenen: De oude Nederlandse maten en gewichten.

Op de website kan worden gezocht op plaatsnaam, omdat veel oude maten en gewichten plaatsgebonden waren (bijv. Amsterdams pond of Groninger scheepsvracht), en op type maat, zoals botermaat, oliemaat, graanmaat, gewicht, lengtemaat etc. 

De databank is gebaseerd op het boek De oude Nederlandse maten en gewichten van J.M. Verhoeff uit 1982 en bevat maten en gewichten van vóór 1820. De webversie van een databank is samengesteld door Ritzo Holtman, redacteur van het door de Gewichten en Maten Verzamelaars Vereniging uitgegeven tijdschrift Meten & Wegen.

Voor het converteren van allerlei soorten moderne maten en gewichten is deze website handig. O.a. ook voor windkracht etc. De website bevat ook een hoofdstuk met historische maten en gewichten.  
Verder is deze website handig om moderne maten en gewichten om te laten omrekenen naar bijv. Engelse en Amerikaanse eenheden.

woensdag 27 februari 2013

De waarde van geld, vroeger en nu

Regelmatig krijgen we de vraag hoeveel een geldbedrag van nu in het verleden waard was. Of omgekeerd natuurlijk. Wat was de waarde van de gulden of euro vroeger of wat zou nu de waarde zijn van een bepaald bedrag uit het verleden?

Het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG) heeft op de website een speciale applicatie waarmee kan worden uitgerekend wat een bepaald bedrag uit het verleden in guldens nu waard zou zijn (in guldens of euro's). Ook kan de waarde van bedragen in twee willekeurige jaren worden vergeleken.  De database loopt vanaf 1450.  
Wat was de koopkracht van één gulden in 1600? Antwoord: circa € 14,06 nu.



Er wordt ook doorverwezen naar soortgelijke websites over de Amerikaanse Dollar, het Britse Pond en de Franse Franc.

(Eerder gepubliceerd op 26 maart 2012)